Een buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) heeft de wettelijke bevoegdheid om bepaalde strafbare feiten op te sporen en om hiervoor bijvoorbeeld een een procesverbaal uit te schrijven.

De opleiding begint met zelfstudie. De deelnemer krijgt een studiepakket met een aantal duidelijke opdrachten die hij zelfstandig uit moet voeren.

Hierna volgen er een aantal bijeenkomsten. Er wordt dan o.a. geoefend in het schrijven van een procesverbaal, het juridisch instrumentatium van de BOA wordt doorgenomen en er wordt een proefexamen afgenomen.

De opleiding wordt afgesloten met een examen dat door een externe instantie wordt afgenomen.

Na het behalen van het diploma mag de deelnemer aangesteld en beëdigd worden.